§ 2. Aansprakelijkheid voor niet-ondergeschikten

 

Artikel 6:171 BW luidt:
Indien een niet ondergeschikte die in opdracht van een ander werkzaamheden ter uitoefening van diens bedrijf verricht, jegens een derde aansprakelijk is voor een bij die werkzaamheden begane fout, is ook die ander jegens de derde aansprakelijk.

Artikel 6:171 BW schept een risico-aansprakelijkheid van de opdrachtgever voor fouten, begaan door niet-ondergeschikten. Voorwaarde is dat het gaat om een opdracht tot het verrichten van werkzaamheden ter uitoefening van het bedrijf van de aansprakelijke opdrachtgever.
De gedachte achter het artikel is dat de vrijheid van degene die een bedrijf uitoefent, om bepaalde werkzaamheden aan anderen over te laten en om dan vervolgens te kiezen of hij hiervoor mensen in dienst neemt of het werk opdraagt aan iemand die zelfstandig werkzaam is, niet van invloed behoort te zijn op de positie van de benadeelde. Bovendien speelde hierbij een rol dat het in de praktijk voor een benadeelde vaak niet duidelijk is wie van de bij een bepaalde bedrijfsactiviteit betrokken personen als ondergeschikte werkzaam is en wie als zelfstandige hulppersoon. Zo is het voor een buitenstaander vaak niet duidelijk wie van de op een bouwplaats werkzame personen in dienst zijn bij de hoofdaannemer en wie in dienst zijn bij door de hoofdaannemer ingeschakelde onderaannemers. Het idee is dat degene die schade lijdt door een fout van één van de betrokken bouwvakkers, zich terzake tot de hoofdaannemer moet kunnen wenden.
 

Artikel 6:171 BW is aan de orde indien er sprake is van:

  1. een fout,
  2. begaan door een niet-ondergeschikte,
  3. bij de werkzaamheden
  4. ter uitoefening van het bedrijf van de opdrachtgever.
     
Zoek :