1.7 Een natuurlijke persoon als werkgever

 

Als het gaat om een ondergeschikte in dienst van een natuurlijke persoon die niet werkzaam was voor het beroep of bedrijf van deze persoon (bijvoorbeeld huishoudelijk personeel), dan omvat de werkgeversaansprakelijkheid slechts de fouten die de ondergeschikte heeft begaan bij de vervulling van de hem opgedragen taak (artikel 6:170 lid 2 BW).
Het gaat hier dus in lid 2 om een nauwer functioneel verband dan in lid 1. De ratio hierachter is dat het argument dat de benadeelde een onderneming als eenheid moet kunnen zien en zonder bewijsproblemen de werkgever moet kunnen aanspreken, hier niet telt
Het gaat hier om ondergeschikten die puur en alleen voor particulieren werken, zoals een schoonmaakster, de tuinman, de oppas en de particulier verpleegkundige. Hier gelden niet dezelfde voorwaarden als bij een werkgever. De voorwaarden voor kwalitatieve aansprakelijkheid van de opdrachtgever zijn: (1) fout van een ondergeschikte; (2) de fout moet gemaakt zijn bij een handeling ter vervulling van de opgedragen taak.
De vergroting van de kans door de opgedragen taak is niet voldoende, het moet dus gaan om een fout bij gedrag ter vervulling van de taak. Van een vervulling van de opgedragen taak is geen sprake, als het huispersoneel bij het begaan van de fout enkel en alleen eigen doeleinden nastreeft en zo niet als ondergeschikte handelt. Van taakvervulling kan wel worden gesproken, zodra de ondergeschikte mede wordt bewogen door een verlangen, de werkgever te dienen.
 

     
Zoek :