8.1. Vertraging: een toerekenbare tekortkoming

 

Wettelijke rente is slechts verschuldigd indien het niet-tijdig betalen aan de schuldenaar kan worden toegerekend (artikel 6:74 BW). Dit zal bijna altijd het geval zijn omdat het niet-betalen van een geldsom zelden overmacht oplevert. Financieel onvermogen komt immers voor risico van de schuldenaar. Overmacht kan echter wel worden aangenomen wanneer de onmogelijkheid om te betalen wordt veroorzaakt door een feit dat voor risico van de schuldeiser komt. Een voorbeeld hiervan is het geval waarin onder de schuldenaar (3e) ten laste van de schuldeiser (geëxecuteerde) derdenbeslag wordt gelegd. Het beslag bewerkstelligt dat de niet-betaling van het verschuldigde aan de schuldeiser kan worden toegerekend. Er is in dat geval geen wettelijke rente verschuldigd over de periode van beslag . Uitzonderingen op deze regel zijn denkbaar, bijvoorbeeld als de schuldenaar (3e) in de gelegenheid wordt gesteld de geldsom tegen rente op een rekening te zetten, maar van deze gelegenheid geen gebruik maakt.
 

     
Zoek :