6.7 Eigen schuld

 

De toepassing van artikel 6:101 BW (eigen schuld) heeft tot gevolg dat de schadeplicht van de kwalitatief aansprakelijk gestelde vervalt dan wel wordt verminderd.
Bij de eigen schuld gaat het om de afweging van de verwezenlijking van een gevaar- een risico dat voor de gedaagde komt- aan de ene kant en de eventuele aan het slachtoffer toe te rekenen omstandigheden aan de andere kant.
 

Hoge Raad 7 maart 1980, NJ 1980, 353 (Stierkalfarrest).
‘Het voorgaande (de risico-aansprakelijkheid, red.) doet niet af aan de mogelijkheid voor degeen die uit hoofde van dat artikel (bedoeld is art. 1404 BW, red.) art. 1404 aansprakelijk wordt gesteld, om zich te beroepen op eigen schuld van de benadeelde partij….’
 

Hoge Raad 25 oktober 2002, NJ 2004/ 556.
Eiseres heeft in 1990 een ongeval gehad met een paard toen zij in het Amsterdamse bos deelnam aan een door verweerster georganiseerde paardrijles. Het paard van eiseres is geschrokken door gedragingen van derden en als gevolg daarvan is eiseres van het paard gevallen en gewond geraakt. In dit geval had noch de berijder noch de eigenaar een fout gemaakt.

 

Indien partijen geen afstand hebben gedaan van toepasselijkheid van artikel 6:179 BW en de bezitter van het dier in beginsel aansprakelijk is voor de schade, dient aan de hand van artikel 6:101 BW te worden nagegaan of er sprake is van toerekening als ‘eigen schuld’. Toepassing van artikel 6:101 BW vereist de aanwezigheid van een omstandigheid die in de risicosfeer van de berijder ligt en daarom aan hem moet worden toegerekend.
Volgens de Hoge Raad is dit, in het geval dat iemand krachtens een overeenkomst met de eigenaar diens paard berijdt, afhankelijk van een aantal omstandigheden:

  1. bepalend zijn de inhoud van de overeenkomst en de overige omstandigheden van het geval;
  2. in de regel zal uit de aard en de strekking van de paardrijlesovereenkomst voortvloeien dat het onberekenbare gedrag van het paard in zoverre voor rekening van de berijder is, dat de schade deels voor diens rekening moet blijven;
  3. in concreto kunnen de inhoud van de overeenkomst en/of de bijzondere omstandigheden van het geval tot de conclusie leiden dat de aansprakelijkheid geheel vervalt, zodat de benadeelde zijn schade geheel zelf moet dragen. Maar het kan eveneens tot de conclusie leiden dat juist recht op volledige schadevergoeding bestaat.

Het gaat hier dan niet alleen om gedragingen van de benadeelde die hebben bijgedragen aan de schade, maar ook om omstandigheden die in zijn risicosfeer liggen.

 

De eigen schuld speelt ook een rol bij schade aangericht door loslopende honden.
Staat vast welke hond de schade heeft aangericht, dan is de bezitter in beginsel op grond van artikel 6:179 BW aansprakelijk. Het feit dat de ander zijn hond ook onaangelijnd liet lopen, kan tot gevolg hebben dat de aanspraak wordt verminderd of opgeheven.

 

     
Zoek :