1.3.2 Zeggenschap

 

Vereist is dat de werkgever ‘zeggenschap had over de gedragingen waarin de fout was gelegen’. Niet van belang is of zij aan de werknemer waren opgedragen. Beslissend is of de werkgever de werknemer instructies m.b.t. deze gedragingen had kunnen geven.
Een fout die buiten diensttijd wordt begaan, zal in beginsel de werkgever niet aansprakelijk maken, omdat dan meestal het functioneel verband zal ontbreken. Maar indien de fout wordt begaan met zaken, gegevens of bescheiden die door de onderneming ter beschikking zijn gesteld, kan ook buiten diensttijd de werkgever aansprakelijk zijn, zelfs als de ondergeschikte die middelen of informatie zichzelf toegeëigend heeft. Omgekeerd kan ook bij een fout tijdens diensttijd het functioneel verband ontbreken, bijvoorbeeld bij een geweldsmisdrijf. De diensttijd is – evenals de omstandigheid dat de fout al of niet op de werkplek werd begaan- slechts één van de omstandigheden van het geval die bepalen of functioneel verband aanwezig is.
Elementen die bij de beoordeling een rol spelen:

  • aard van de daad (bestaat er een nauw verband met de werkzaamheden en de daad?)
  • plaats van de daad
  • tijdstip van de daad
  • hulpmiddel waarmee de daad begaan is.
     
Zoek :